Tonijnmeel

Iets ander aas inzetten om “het verschil” te maken is een strategie om onwillige vissen toch over de streep te trekken. Of het werkelijk altijd vruchten afwerpt staat ter discussie, maar Tonijnmeel wordt in ieder geval vanuit deze optiek vaak aangeprezen. Laten we kijken wat deze vis zo “anders” maakt...

  • Tonijn is een verzamelnaam. Meerdere soorten vormen het Thunnus-geslacht. Ze behoren tot de familie van de makrelen. Tellen we de bonito’s mee (sterk verwant), dan is de diversiteit nog groter. 

  • Tonijnen leven zo’n beetje in alle tropische en subtropische zeeën op aarde. Er bestaat alleen dus niet zoiets als DE tonijn. Ook is het vaststellen van welk soort tonijn nu precies in welk product verwerkt is vrij lastig. Dit is echter (ons inziens) niet wezenlijk van invloed op de uiteindelijke meerwaarde voor onze visserij. Als het gaat om duurzame visvangst natuurlijk wel...!

  • Tonijnen zijn jagers en eten andere vissen, waaronder sardines, haringen, zandspiering, ansjovis en (kleine) makrelen. De jonge exemplaren voeden zich met plankton. Vergeleken met andere consumptievissen staat de tonijn dus hoog in voedselketen.

  • Tonijnen zijn in tegenstelling tot de meeste vissen warmbloedig. Ze hebben een soort “warmte-terugwin systeem” waarmee ze hun lichaam een paar graden warmer kunnen houden dan het water. Het werkt als volgt:

Als het warme bloed uit het lichaam teruggaat naar de kieuwen voor meer zuurstof, stroomt het langs het koude zuurstofrijke bloed dat uit de kieuwen komt en maakt het dan dus warmer.

  • Tonijnen als geslacht behoren tot de belangrijkste consumptievissen. Je zou kunnen zeggen dat ze (als voedsel) wel hun sporen hebben verdiend. 

  • Tonijnmeel is net als elk ander vismeel rottingsgevoelig (eiwitten en vetten). Bij het gebruik moet je hier rekening mee houden. Niet elke batch kent daardoor dezelfde kwaliteit. Versheid is hier dus een belangrijke kwaliteitsfactor, lees meerwaarde!

  • Tonijn heeft anders dan de meeste vissen geen wit maar roze/rood vlees vanwege de hoeveelheid myoglobine. Dit zuurstof-bindende eiwit voorziet de spieren van een rode kleurtoon en maakt o.a. dat die vis zo vreselijk lang en hard kan zwemmen (gem. 40 km/uur en max. 75 km/uur).

  • Tonijnmeel is mede hierdoor donker van kleur, hetgeen ook z’n uitwerking heeft op de kleurtoon van je boilie. 

  • Tonijnmeel draagt een relatief hoog kwikgehalte. Kwik bevindt zich in het rijtje van zware metalen als lood, cadmium, barium, thallium, koper, mangaan en zink. Je begrijpt, niet de beste eigenschap. De hoeveelheden zijn echter zo gering dat de karper er niet van terugschrikt.

  • Tonijnmeel heeft een zeer eigen, herkenbare geur en smaak. Let wel, dit is niet perse hetzelfde als een sterke of dominante smaak. De smaak van tonijn is bijvoorbeeld minder sterk (dominant) dan die van de zalm of sardines. Rede ook waarom kinderen gemiddeld makkelijker tonijn eten dan zalm...?! 

  • Tonijnmeel biedt een evenwichtige voedingsbron; een uitstekende combinatie van eiwitten, vetten, vitaminen en mineralen. Maar eerlijk gezegd geldt dat wel voor de meeste vismelen. Het is wat ons betreft voornamelijk “anders” vanwege die geur en smaak. 

  • Tonijn staat op sommige lijsten vermeld als een “gezonde, vette vis”, en schaart zich onder de paling, makreel, zalm, haring en sardines, maar eigenlijk is hij meer gematigd. Zo bevat (verse) zalm bijna 16x zoveel gram vet als de (verse) tonijn. Hij schuurt in die zin eerder tegen de magere vis, zoals de wijting, schelvis, talapia, koolvis, geep, kabeljauw, forel, baars, snoekbaars of tong.

Weetje 1: Vette vis bevat naar schrijven de meeste voedingswaarde. Het is gezond omdat er veel vitaminen (A, D, B3, B12...), goede eiwitten (aminozuren) en mineralen (kalium, jodium, zink...) in zitten. Veel besproken zijn de in vet aanwezige vetzuren, waaronder de Omega-3 en Omega-6 vetzuren. Het zijn meervoudig onverzadigde vetzuren, onontbeerlijk voor tal van processen in het lichaam:

  1. De groei van het lichaam.
  2. Onderhoud van het bloed en de bloedvaten.
  3. Functioneren van de hersenen.
  4. Functioneren van het zenuwstelsel.
  5. Herstel van de huid.
  6. Onderhoud van de hormoonhuishouding.
  7. Werking van het immuunsysteem.
  8. Kwaliteit van de ogen... enzovoort.

Weetje 2: Vetten zijn dus nodig. Als bouwstenen voor het lichaam, versterking van het immuunsysteem, t.b.v. de aanmaak van hormonen, ter ondersteuning van hersenen en zenuwstelsel, als dragers van vitamine en vetzuren. Daarbij bieden ze de hoogste energiewaarde als grondstof. Een goede olie is een echte energie-boost. Doet dus ook snel(ler)verzadigen. Houdt hier rekening mee in de late herfst, winter of vroege lente. Vetten die niet direct worden omgezet in energie worden opgeslagen als lichaamsvet en vormen zo reserves voor de toekomst; die momenten dat de vis wel wat extra energie kan gebruiken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de periode rond de paai. 

Weetje 3: In vetten zitten meerdere soorten vetzuren, ondergebracht in zogenaamde verzadigde en onverzadigde vetzuren. Beide zijn altijd vertegenwoordigd, maar steeds in andere verhoudingen. Het heeft de voorkeur om onverzadigde vetten toe te passen. Ze zitten doorgaans in zachte of vloeibare oliën, vis, noten, enzovoort. Onverzadigde vetzuren kennen zowel enkelvoudige als meervoudige bindingen. Meervoudig onverzadigde vetzuren zijn daarbij weer in te delen in "omega 3-vetzuren" en "omega 6-vetzuren". Beide leveren meerwaarden en de vis kan dit zeker waarderen; sterkt zijn eetlust. Een bijkomend voordeel: onverzadigde vetten blijven langer vloeibaar in koud water. 

Weetje 4: Hoewel de tonijn wordt ingeblikt, verandert er naar schrijven weinig tot niets aan de voedingswaarde. De kwaliteit is vrij constant. Wel is de watervariant gewoon minder vet dan die met olie.

Leuk: In het rijtje snel, sneller, snelst is de tonijn imposant, maar niet onoverwinnelijk. De zeilvis en de zwarte marlijn weten snelheden te halen van resp. 109 en 129 km/uur. Die laatste is (naar schrijven (!)) volgens “betrouwbare meting” vastgesteld op basis van het afrollen van een vislijn... met weerstand dus! Wellicht ligt hun top nog hoger. Geen wonder dat deze torpedo zich voedt met makreel en tonijn, de twee snelste vissen in de oceaan ;-).

Belangrijk: Tonijn(meel) wijkt dus in een aantal opzichte af van de gangbare vis(melen). In die zin is het ook begrijpelijk dat deze grondstof als “iets anders” wordt aangeprezen. Een middel is om onwillige vissen over de streep te trekken. Al moet je hier wel steeds bewust mee omgaan. Het uitblijven van succes is lang niet altijd het gevolg van je aas alleen, soms is er “gewenningsperiode” nodig, slaat het aas niet direct aan of is er sprake van meer voor de hand liggende thema’s waar je met een goede voedingswaarde, bepaalde fysieke eigenschappen of keuze van triggers gemakkelijk op in kunt spelen. Daarbij is “het anders zijn” op zich geen kwaliteit; het is vooral een strategische zet, waarbij de context bepalend is voor het effect en bijvoorbeeld instant anders werkt dan de lange termijn. Ook doet de keuze voor tonijnmeel, alleen omdat “het wat anders is”, geen recht aan de kwaliteit van het product als geheel. 

Combinaties: In feite is Tonijnmeel gewoon een mooie vismeel, waar je net als bij alle andere vismelen verschillende recepten mee kunt bedenken. Een ingrediënt dat tevens prima combineert met andere vismelen om zo tot een mix te komen met een zeker “geur- en smaakaccent”. Wij hanteren daarbij doorgaans de verhouding 1 - 3 (tonijnmeel - standaard vismeel, LT of predigested). De meerwaarde van nog meer soorten vismeel door elkaar (haring, zalm, sardines, enz.) zien wij niet zo. We houden het graag bij dat “eenduidig accent”. De combinatie van tonijnmeel (1), vismeel (3) en een kreeftachtige (1) (krillmeel, squidmeel) levert zeker meer perspectieven. Gewoon eens mee experimenteren. 

Dosering: Bij ons kan je tot maximaal 30% tonijnmeel toevoegen aan je mix. In de praktijk gebruiken we alleen vaak een minder hoog percentage (+/- 5%), omdat we vooral de meerwaarde zoeken in dat accent van geur en smaak. 

Tip 1: Het is al jaar en dag bekent dat de karper, ook al is hij geen jager, andere vissen eet. Simpelweg omdat het gezond voor hem is en lichaamseigen grondstoffen betreft; hierdoor voedingswaarden makkelijker zijn op te nemen (kost minder energie). Niet gek dus dat een blikje tonijn door je grondvoer, stickmix of spotmix gewoon werkt. Het hoeft niet veel te zijn. Een enkel blikje (185 gram) op een emmer voer (5 l.) is voldoende. Kies dan voor de tonijn in water, omdat je de karper wilt lokken. Olie is nu eenmaal niet in water oplosbaar, dus minder goed traceerbaar door de vis!

Tip 2: Of gooi de liquid van de blikjes over je boilies en laat het er lekker intrekken. Kies in de koude(re) periode dan ook voor de watergedragen variant, maar ten tijde van mooi voorjaarsweer (rond die paai) en in de zomer/vroege herfst voor die olie-versie. De trigger van dit “vet” zit dan wat ons betreft niet in een verhoogde aantrekkingskracht van de boilie, als wel in de smaak en het “bewustzijn” van de karper dat de grondstof gezond voor hem is. M.a.w. het verbeterd niet perse de wasemkracht, als wel de voedingskwaliteit...! 

Tip 3: Als laatste zouden we erop willen wijzen dat een vismeel en zeker ook tonijnmeel er simpelweg beter van wordt indien je hem voorziet van een beetje zout, paprika of chilipoeder. Of een mooie, kruidige birdfood of kruidenmix... het versterkt de (zilte) smaak van deze vis... en daar is onze vriend best gevoelig voor!

Tonijnmeel; gewoon vismeel, maar dan een tikkie anders!